Morsal komt uit Afghanistan en woont nu met haar broertje, zus en ouders in het AZC in Utrecht. Ze spreekt en schrijft nu een aantal maanden Nederlands en heeft een passie voor schrijven en zingen. Speciaal voor de verhalenbank schreef zij een verhaal over ‘arm en rijk’.

“Het is een mooie dag om buiten te spelen!”, zei Sip tegen Pip. Sip en Pip zeggen tegen mama dat zij naar buiten gaan. Ze trekken hun jas en schoenen aan en lopen met mama naar de deur. “Wauw, het is echt mooi weer! Gaan jullie maar spelen, dan kijken papa en ik naar jullie”, zei mama. Het is heel warm en Pip en Sip mogen van mama een ijsje halen. Sip neemt blauwe bessen smaak en Pip neemt aardbei. Papa gaat ook mee en neemt aardbei, mandarijn en blauwe bessen. Mama neemt chocolade, groene koek en citroen. “Oow wat lekker”, zeggen ze allemaal. Het ijsje van Pip en Sip is op. Papa stelt voor om naar het strand te gaan. Iedereen stapt in de auto en mama, papa, Pip en Sip rijden naar het strand.

Op het strand vindt Sip een schatkaart in een fles. Op de schatkaart staat ‘jullie moeten nog een schatkaart vinden, die ligt in de duinen. Pip en Sip gaan samen met mama en papa naar de duinen om te zoeken naar de tweede schatkaart. Op deze schatkaart staat waar je de schatkist kunt vinden.

  • Eerst 20 meter naar rechts
  • Daarna 5 stappen naar links
  • Rondje draaien
  • Dan 30 meter rechtdoor
  • Bij de weg waar 2 bomen staan, ligt de schatkist.

Pip en Sip vinden de schatkist, hoera! Er zitten twee gouden kettingen in, negen gouden munten en twee griffels. Sip en Pip zijn dolblij! Met het goud kopen Sip en Pip heel veel ijsjes en delen die uit aan alle mensen op het strand! Ze delen ook nog wat muntjes uit. En iedereen leeft nog lang en gelukkig.